Het lawaai van toeters en bellen om je heen. Een krijsend kind op een meter afstand. Iemands bilspleet leunt tegen je schouder. Het is warm en het stinkt. Het is een drukkende stank die je al het zuurstof beneemt. Achter je hebben volwassenen die net van het werk komen een cultureel en/of maatschappelijk gesprek. Wie haat het niet? Reizen met het openbaar vervoer. 

 

Openbaar vervoer. Het klinkt al verkeerd. Het klinkt alsof we met zijn allen als een kudde schapen gedreven worden naar onze eindbestemming. Een groep vreemden die uit alle macht proberen oogcontact met elkaar te vermijden. Wat overigens onmogelijk is met die nieuwe metro’s. Ik moet hier even op inhaken. Wiens idee was dat? Die belachelijke, zogenaamd Amerikaanse metro’s, waar je in rijen tegenover elkaar zit. In welke wereld is dat beter dan in rijtjes van twee achter elkaar? Hoezo moet ik iedereen recht in hun ogen aanstaren? Belachelijk. Die metro’s op zich zijn al genoeg reden om het ov te haten.

Het is natuurlijk niet de enige reden. Nee. Er zijn genoeg. Om te beginnen is het openbaar vervoer belachelijk duur. Vroeger viel het nog wel mee, met die strippenkaarten en abonnementen. Tegenwoordig? Met die ov-shitkaarten? Het is niet normaal. Stel je voor dat je één halte moet en dat je die rotkaart niet opgeladen hebt. Dan moet je gewoon drie euro betalen voor één halte. Een kaartje in de nachtbus is vijf euro. Vijf euro. Daar kan je eten van kopen. Je moet je eens bedenken hoe erg die toeristen erin gegooid worden. Het is totaal niet duidelijk welk kaartje voor de metro is en welke voor de trein. Ze roepen zo vaak om dat ze niet moeten vergeten uit te checken, dat ze natuurlijk vergeten uit te checken. Iedereen reist grais in de tram 5 en toch betalen die arme toeristen.

Ik heb sowieso een intense haat voor die ov-chipkaarten. Is het je weleens opgevallen hoe het eruit ziet als iedereen tijdens spitsuur tegelijk incheckt? Het lijkt alsof we ons aanmelden bij het systeem. We scannen onze kaarten waarmee ze ons overal kunnen tracken. We gaan naar een baan die de meesten van ons haten. Aan het eind van de dag checken we uit net zoals we uitklokken op het werk. Het is zo’n geroutineerd systeem.  Het openbaar vervoer is vreselijk, maar het openbaar vervoer tijdens spitsuur? Niet te doen.

Niet te doen. Ik woon bij de RAI, waar ik de metro 51 moet pakken. De mensen die vaak met deze metro reizen weten precies wat er nu gaat komen. Er is altijd wat met die metro. De ene dag is de metro te laat. De andere dag rijdt de 51 helemaal niet. De dag erop rijdt de 51 maar tot spaklerweg. Het GVB en de NS hebben totaal geen respect voor ons. Als er een heftige regenbui of een zuchtje wind staat, zijn hun hele systemen meteen verstoord. Disfunctioneel. Je zal zoiets maar meemaken tijdens spitsuur. Als die metro er eindelijk is, probeert het hele perron zich uit alle macht in die metro te wurmen. Niemand wil echter te laat op het werk komen en een veeg uit de pan krijgen van die baas die je toch al zo haat. Eindstand staan jullie als sardientjes in blik in die metro. Dat wil je toch niet meemaken om acht uur ‘s ochtends? Of om zes uur ‘s avonds als je je net de hele dag de naad uitgewerkt hebt? Het is echt niet te doen.

Ik haat het. Als mijn batterij leeg is of ik mijn oordopjes vergeten ben, dan kan ik echt wel janken. Mijn hele dag is verpest als ik zonder oordopjes moet reizen. Het enige positieve dat ik uit het openbaar vervoer kan halen, is dat het me ontzettend motiveert om nu dan eindelijk mijn rijbewijs te gaan halen.

 

S.S.H

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s